Fiumincino is gemakkelijk te vinden in het grote bord
spaghetti van wegen rond Rome. Je hoeft alleen de borden Aeroporto Fiumincino
te volgen, en op het laatst niet het Airport op te gaan, maar het stadje in.
Overigens heet het vliegveld officieel ‘Leonardo da Vinci’. We zijn gelogeerd in Villa Rosita, een gezellig kleinschalig geval waar
we uiterst vriendelijk worden ontvangen
door onze host Federico. We zijn niet bepaald in de aap gelogeerd.
Direct naast de villa zijn de velden van FC Fiumincino, waar
we de vrijdagavond-trainingen kunnen volgen vanuit de kantine annex pizzeria.
We bestellen lekkere pizza’s met daarbij een vino di casa. De fles witte Vermentino uit
Sardinie die zonder aplomp op tafel wordt gezet is evenwel erg lekker. Bella
Italia!
We ontbijten in de keuken van Federico met verse toast en
lekkere capucchino. Een paar minuten met de Panda en we zijn bij de Area
Archeologica Ostia Antica. Ostia was de havenstad van het Rome van de oudheid.
Hier kwamen de graanschepen uit de wingewesten (o.a. Sicilie) aan om het volk
van Rome te voorzien van brood. Voor de spelen zullen er vast ook leeuwen en
andere exotische beesten zijn aangevoerd. Pane et Circenses.
Bij de Porta Romana kom je de stad in met langs de Via Decumano
Massimo. Je zien nog steeds de
uitgesleten karresporen in het plaveisel. Langs de weg de necropolis met
grafmonumenten, die daar speciaal waren gebouwd om de status van de eigenaren
tentoon te spreiden. En ruimte voor de urnen / sarcofagen, al naar gelang levensovertuiging / dikte van de geldbuidel.
Even verderop liggen de Termen (badhuis) van Neptunus, met
prachtige mozaieken. Het is eigenlijk zonde om die zo in weer en wind te laten
liggen. De mozaieken zijn ook de grote zorg van de conservator. Die van
Neptunus mag je absoluut niet op lopen. Maar
er ligt zoveel mozaiek,dat je af en toe wel moet als je ergens langs wil. Als
op eieren dan maar.
Ostia was vrij groot – 100.000 inwoners – en had vele
badhuizen. Voor de rijken (Terme di Nettuno)
maar ook voor de middenklasse, de arbeiders en soldaten. Deze laatsen functioneerden als politie en brandweer. Ze
werden geleend van een legioen uit Rome en er kwam bij toerbeurt een contigent
aantreden. Ze hadden een eigen kazerne. Omdat de huizen van binnen veel hout
bevatten en de verlichting middels olielampen geschiedde, was een brandweerkorps
wel nuttig. Gelukkig was er water in
overvloed, aangevoerd door twee aquaducten. Vooral voor de baden, maar ook voor
bluswater. Van die aquaducten is niets meer over. Geen nood, kijk maar eens op
een 5-euro briefje.
Voor zo’n grote stad was een bakkerij natuurlijk essentieel.
In Ostia werd ook brood gebakken voor Rome. Hier zien we de professionele
maalderij, met maalstenen van vulcanische steen.
Even verderop is het theater. Bij gebrek aan ander vermaak
waren de Romeinen verzot op theater. Elke Romeinse stad had ook een
amphitheater voor gladiotorengevechten en wilde beestenspektakels. Hier echter niet. Niet opgegraven of nog niet
gevonden? Wie het weet mag het zeggen.
In het Museo staaan
de marmeren beelden die hier zijn gevonden en nog in toonbare staat
zijn. Een kleine maar verbluffende collectie.
Stel je voor dat de inwoners van het toenmalige Ostia ons
door hun stad zouden hebben kunnen zien lopen. Hoe zouden ze ons zien? Rare
lange mensen die de hele tijd op hun schrijftabletje lopen te kijken, en er de
hele tijd met hun vingers overheen vegen. En een soort papyrusrollen raadplegen. Niet
echte rollen, maar in stukken geneden en op elkaar gebonden. Iedereen kan lezen
blijkbaar. Zwarte oogkleppen op en de vrouwen op vreemde steltschoenen. Maar
voor de rest net gewone Romeinen. Of liever Ostianen.
Na een hele dag sjouwen door de zon hebben we het end in de
bek. Maar we weten niet van opgeven. Want vlakbij is nog een opgraving. Die is bijna
nooit open, behalve toevallig vandaag. De Portus van Claudius en Trajanus.
![]() |
| Trajanus |
Na een vermoeiende dag is het op de veranda van Villa Rosita goed uitrusten met een pittige esspresso en Wifi voor het blog. Morgen weer richting Amsterdam. Jammer genoeg.











Geen opmerkingen:
Een reactie posten